De druk op zorg en preventie buiten het ziekenhuis neemt toe. Tegelijk blijft het aantal extramurale artsen achter bij wat nodig is. UMCNL en KNMG sluiten de projectfase van Meer Extramurale Artsen af met een eindrapportage, maar de opgave zelf blijft onverminderd urgent.

Binnen Meer Extramurale Artsen (MExA) werkten achttien partijen samen aan de vraag hoe meer artsen kunnen worden opgeleid en behouden voor extramurale vakgebieden, zoals publieke gezondheid, ouderengeneeskunde, huisartsgeneeskunde, bedrijfsgeneeskunde, verzekeringsgeneeskunde en verslavingsgeneeskunde. Ook de NVAVG werkte hieraan mee.

Met MExA zijn belangrijke stappen gezet om meer artsen kennis te laten maken met en op te leiden voor de extramurale zorg. Tegelijk blijven verdere stappen nodig, zoals meer extramurale coschapplekken, goede begeleiding voor basisartsen, passende financiering van vervolgopleidingen en verdere academisering van het extramurale veld.

Met het eindrapport eindigt het project Meer Extramurale Artsen, maar niet de inhoudelijke beweging. De tekorten aan extramurale artsen zijn niet opgelost. Daarvoor zijn blijvende inzet, gedeeld eigenaarschap en samenwerking nodig. UMCNL en KNMG roepen alle betrokken partijen op om de aanbevelingen verder te realiseren, vanuit hun eigen rol en verantwoordelijkheid.

Meer informatie over het project Meer Extramurale Artsen, inclusief het eindrapport, lees je via deze link.