De zorg voor mensen met een verstandelijke beperking wordt steeds complexer. Tegelijkertijd staan behandelaren voor de uitdaging om schaarse expertise zo effectief mogelijk in te zetten. Bij Novicare werken arts verstandelijk gehandicapten (arts VG) Margriet van Duinen en physician assistant (PA) Marije Nederlof daarom al jaren nauw samen. Hun ervaring laat zien dat succesvolle samenwerking niet draait om taakverdeling alleen, maar vooral om vertrouwen, heldere kaders en het benutten van elkaars kwaliteiten.

Daar waar in dit artikel PA staat, kan ook VS (verpleegkundig specialist) worden gelezen. Dit interview gaat echter over de samenwerking tussen twee individuele zorgprofessionals, vandaar dat hier veelal alleen over de PA wordt gesproken.

Samenwerken begint met duidelijke afspraken

Volgens Margriet is een goede samenwerking nooit vrijblijvend. “Bij start van de samenwerking bespreken we op welke punten een PA of VS volledig zelfstandig kan werken en op welke punten we altijd overleg hebben. Dat leggen we vast en we borgen dat we elke week een uur samen overleggen.”

Tijdens deze wekelijkse overlegmomenten kan de PA of VS de arts VG in consult of in medebehandeling vragen. “We maken dan een keus: trekken we samen op of pakt de een het helemaal op en geeft het terug op het moment dat dat kan”, zegt Margriet. Naast de vaste overlegmomenten is een arts VG altijd bereikbaar voor acute vragen. Ook wordt gewerkt met een competentiescan en een inwerkprogramma dat aansluit bij de ervaring van de professional.

“Als iemand uit een heel ander werkveld komt, vraagt dat meer tijd en aandacht dan wanneer iemand al ervaring heeft in bijvoorbeeld de ouderenzorg of neurologie.” Transparantie richting cliënten, verwanten en instellingen hoort daar nadrukkelijk bij. “Mensen moeten weten met welke discipline ze te maken hebben en hoe de samenwerking is georganiseerd.”

Vertrouwen als fundament

Hoewel kaders belangrijk zijn, staat of valt de samenwerking volgens PA Marije met onderling vertrouwen. “Vertrouwen is het allerbelangrijkste. Je moet zeker weten dat iemand aan de bel trekt op het moment dat het nodig is. De hoogcomplexe casussen bespreken we altijd samen. En als het echt ingewikkeld wordt, dan zeg ik: neem het alsjeblieft over.”

Dat vertrouwen werkt ook de andere kant op. Een arts VG hoeft niet voortdurend te controleren of een PA of VS voldoende bekwaam is. “Het is ook de eigen verantwoordelijkheid van de professional om aan te geven wat wel en niet binnen de eigen bekwaamheid valt.”

Complementaire rollen

De samenwerking levert volgens beide professionals veel meer op dan alleen taakverlichting. Juist het verschil in achtergrond zorgt voor meer kwaliteit. Margriet ziet hoe de praktische benadering van haar collega helpt om complexe situaties hanteerbaar te maken: “Dokters zijn vaak veel te ingewikkelde denkers. Marije staat als PA dichter bij de medewerkers op de groep en maakt dingen concreet. Soms kijk ik hoe zij het doet en denk ik: ‘Wauw, dit is precies de spijker op zijn kop’.”

Andersom biedt de arts VG overzicht wanneer situaties complex worden. “Waar Marije soms denkt: ‘Help, nu loopt alles door elkaar’, ben ik degene die met een helikopterview kan afpellen wat er echt speelt.”

Die combinatie van praktijkgericht werken en specialistische expertise blijkt juist bij complexe zorgvragen een belangrijke meerwaarde. De kern blijft hetzelfde: schaarse expertise moet daar worden ingezet waar die de meeste toegevoegde waarde heeft. “Je wilt de juiste zorgprofessional op de juiste plek inzetten. Dat maakt de zorg beter én effectiever.”

Blijven leren en evalueren

Goede samenwerking vraagt om voortdurende afstemming. Ook willen we met elkaar in ontwikkeling blijven. Daarom zijn er structurele overleg- en evaluatiemomenten met collega’s, vakgroepen en andere disciplines, zoals intervisie, locatie-overleggen en overleg met andere behandelaren. Ook investering in scholing speelt een belangrijke rol. Scholing op vakinhoudelijk gebied, maar ook gericht op professionele ontwikkeling.

Een blik op de toekomst

De ervaringen van Margriet en Marije laten zien dat samenwerking tussen arts VG, PA en VS niet alleen een antwoord is op capaciteitsvraagstukken, maar ook bijdraagt aan betere zorg.

Hun advies aan collega’s die nog twijfelen is dan ook helder: “Ga het gewoon doen”, zegt Marije. “Ik merk soms koudwatervrees bij artsen VG die voor het eerst met een PA werken. Ze zijn soms bang om de regie te verliezen. Maar de collega’s die aanvankelijk de meeste weerstand hadden, zijn uiteindelijk vaak het meest blij met de samenwerking.” Uiteindelijk draait het om hetzelfde doel: passende zorg leveren aan cliënten. “Erken dat je samen krachtiger bent dan twee losse personen. Het is de toekomst. Je moet het durven aangaan en het de tijd geven.”

Kader: succesfactoren voor samenwerking arts VG, PA en VS

  • Maak vooraf duidelijke afspraken over taken, verantwoordelijkheden en consultatiemomenten.
  • Zorg voor structureel overleg en laagdrempelige bereikbaarheid.
  • Werk met een competentiegericht inwerkprogramma.
  • Communiceer helder naar cliënten, verwanten en zorgorganisaties.
  • Investeer in wederzijds vertrouwen.
  • Zet professionals in op basis van expertise en de zorgvraag van de doelgroep.
  • Organiseer regelmatig evaluatie, intervisie en scholing.